Contact us

Turfstekerstraat 63
1431 GD Aalsmeer
+31 297 347166
+31 297 347176
mr. B. Schoenmaker
mr. B. Heijmeijer

Via social media

Ben Schoenmaker has his own column in the Ondernemerscafé on Radio Aalsmeer

This blog has no translation.
Sancties op niet tijdig beslissen door overheid

Sancties op niet tijdig beslissen door overheid

Het is goed te weten dat er in onze democratische samenleving voor burgers en/of bedrijven de nodige rechtsbescherming tegen de overheid bestaat. Zo hebben burgers en/of bedrijven op grond van de Algemene Wet Bestuursrecht tal van mogelijkheden om een beslissing van een bestuursorgaan aan te vechten of te verkrijgen. Deze bescherming kent echter ook haar keerzijde.

Zo komt het nog al eens voor dat een bestuursorgaan de wettelijke termijn voor het nemen van een beslissing overschrijdt. Teneinde het bestuursorgaan sneller tot een beslissing te bewegen, kent de wet, in het geval van de aanvraag van een lichte of reguliere bouwvergunning, reeds de zogeheten fictieve positieve beslissing. Dit betekent dat een vergunning van rechtswege wordt verleend als het bestuursorgaan niet tijdig beslist. De discussie is nu gaande om de fictieve positieve beslissing voortaan ook te gaan hanteren voor tenminste 22 andere soorten vergunningen, waarbij geen grote maatschappelijke belangen dan wel belangen van derden mee gemoeid zijn.

Verder zijn er momenteel twee wetsvoorstellen aanhangig. Het eerste voorstel komt er op neer dat het bestuursorgaan zelf een dwangsom moet betalen als zij niet tijdig heeft beslist en door de aanvrager van die beslissing vooraf in gebreke is gesteld. Een tweede voorstel is, dat de aanvrager in een relatief eenvoudige procedure naar de rechter kan, die het bestuursorgaan vervolgens kan veroordelen om binnen 2 weken alsnog een besluit te nemen. De rechter kan daar bovendien de sanctie van een dwangsom aan koppelen.

Een nadeel aan het eerste wetsvoorstel is, dat nà verbeurte van de dwangsom de prikkel verdwijnt om nog tijdig te beslissen, omdat er geen verdere sancties aan gekoppeld zijn. Mogelijk wordt het wetsvoorstel nog aangepast, zodat de dwangsom niet op een bedrag ineens wordt gesteld maar voor elke dag dat het bestuursorgaan verzuimt een beslissing te nemen. Verder kan het voorstel ertoe leiden dat iemand sneller geprikkeld wordt om een bezwaarschrift in te dienen puur en alleen om een vergoeding op te strijken.

Een bezwaar met betrekking tot het tweede wetsvoorstel is, dat men de rechter een uitspraak doet op een termijn van  8 weken en dat als het bestuursorgaan - ondanks de door de rechter opgelegde verplichting - geen beslissing neemt binnen 2 weken en daaraan niet meteen een dwangsom door de rechter aangekoppeld is, men weer naar de rechter moet.

Daarnaast zal zowel het eerste als het tweede wetsvoorstel een extra belasting voor het bestuursapparaat en/of de rechterlijke macht betekenen, gezien het verwerken van de in gebreke stellingen en meerdere gerechtelijke procedures. Tevens bestaat nog het risico dat de kwaliteit van de besluitvorming wordt ondermijnd als een orgaan maar snel een beslissing neemt, omdat zij een beslissing moet nemen.

Samenvattend: de beoogde uitbreiding van de ‘fictieve positieve beslissing’ naar andere terreinen is zonder meer positief. Als daarnaast in de twee andere voorstellen alsnog meer accent gelegd wordt op het verkrijgen binnen de gestelde termijn van een beslissing, met voorkoming van extra bureaucratie (met weer vertragingen), gaan we er allen knap op vooruit.

 

 

Mr Ben Schoenmaker

Mr Ben Schoenmaker

Aalsmeer, 16 november 2006, Mr Ben Schoenmaker
Schoenmaker Bedrijfsjuridisch Advies & Mediation
+31 297 347166

Terug naar overzicht

nl en de